Fase II : cardiale revalidatie: ambulante revalidatie tijdens de eerste maanden na de opname
Na de opname wordt de patiënt:
- Ofwel geïncludeerd in een ambulant cardiaal revalidatieprogramma in het ziekenhuis (maximaal 45 sessies, tot maximaal 6 maanden na de opname). Het terugbetalingsdossier moet opgestart worden tijdens de opname tot maximaal 15 dagen nadien.
-
- Op dit moment zijn de indicaties voor terugbetaling van Cardiale Revalidatie beperkt tot onderstaande aandoeningen waarvoor een ziekenhuisopname nodig was (KB 10 januari 1991) :
- Myocardinfarct
- Percutane interventie (PCI)
- Hartchirurgie (klepoperaties en/of bypassoperatie, CABG)
- Hartfalen met dysfunctie van het linker ventrikel
- Harttransplantatie (dan maximaal 90 sessies mogelijk tijdens het eerste jaar na de transplantatie)
Dagelijkse lichte tot matige fysieke activiteit (wandelen, zo mogelijk fietsen,…) moet altijd gestimuleerd worden.
Het opstellen van het oefenprogramma gebeurt best via de FITT principes (zie hieronder). Voor meer gedetailleerde informatie hieromtrent, wordt verwezen naar de KNGF praktijkrichtlijn. Deze richtlijn wil een leidraad bieden voor het uitvoeren van revalidatie bij patiënten met chronisch hartfalen. Het blijft belangrijk de patiënt in zijn geheel te bekijken en het trainingsschema individueel aan te passen.
Let tijdens de inspanning op deze alarmsymptomen:
- Abnormale toename van dyspnoe.
- Onwel worden met bleke, grauwe kleur of cyanose.
- Abnormale hartslag (bradycardie of tachycardie, onregelmatige hartslag, niet snel recupererend bij rust), al of niet met symptomen (malaise, palpitaties).
- Plotse syncope.
- Angor
Acties:
- Laat de patiënt rusten en zo nodig zitten of liggen.
- Meet de bloeddruk en de hartfrequentie. Controleer de ademhaling.
- Start zo mogelijk hartritmemonitoring en/of neem een ECG.
- Verwittig een arts, zo nodig via het medisch noodnummer (Europa: 112).
- Start zo nodig reanimatie in geval van collaps.
Daarnaast tevens aandacht voor:
- Alarmsymptomen
- Therapietrouw
- Parameters: gewicht, bloeddruk, hartfrequentie.
- Gezonde levensstijl en dieet.
- Zelfredzaamheid met zo nodig verwijzing voor bijkomende hulp.
- Psychosociale ondersteuning.
Fase III : post-revalidatiefase
Patiënten met hartfalen worden geadviseerd en gestimuleerd om het trainingsprogramma, opgestart tijdens de revalidatiefase (fase II), (levenslang) te continueren op zelfstandige basis (zo nodig via een fitnesscentrum, beweegcoaches of zelfstandige initiatieven) of onder blijvende begeleiding van een kinesitherapeut. Indien bij ambulante opvolging cardiale revalidatie wenselijk zou blijken, kan dit vooralsnog niet opgestart worden in een ambulant cardiaal revalidatieprogramma in het ziekenhuis zoals na een opname. De opties zijn dan:
- Toch een ambulant cardiaal revalidatieprogramma in het ziekenhuis, doch buiten conventie en beperkt tot 18 sessies.
- Verwijzing naar een perifeer kinesitherapeut (Zoek een kinesitherapeut | AXXON, Physical Therapy in Belgium). Er kunnen slechts 18 zittingen voorgeschreven worden, tenzij de patiënt in aanmerking komt voor E- of F-pathologie.
Stimuleer de patiënt om 30 minuten per dag en minstens 5 dagen per week matig aeroob te bewegen (wandelen, fietsen). Stimuleer zo nodig de patiënt om (na doorverwijzing door de huisarts) een afspraak te maken met een Bewegen op Verwijzing-coach (www.bewegenopverwijzing.be)